Klik op de foto's
voor een vergroting
'Rob van der Klugt - Sint Maartensdijk' over zijn Volkswagen 1500 Kever
’n
Halve eeuw later…
Het
is nog steeds een kunstwerkje op zich: de brochure die voorafging aan de komst
van Vaders eerste rijdende trots.
November
1956. Ik ben vier jaar oud; mijn vroegste auto-ervaringen gaan zich afspelen in
een zilvergrijze Volkswagen. De spikkelstof, het ovaalvormige achterruitje, de
zingende ruitenwisseraandrijving en de tevreden motorronk (extra mooi als je je
oor in de bank drukt) leggen de basis voor een levenslange Kever-sympathie.
Intussen
word ik een volbloed autogekje, eindeloos bezig met mijn groeiende verzameling
Dinky Toys. Daarvan ontmoet ik de werkelijke voorbeelden tijdens m’n eerste
zelfstandige vakantietrip: kennismaking met Engeland! Op slag verliefd op het
landschap, de huizen, de mensen en het wagenpark. Al na een jaar haal ik er een
Wolseley 1500 vandaan, die later gezelschap krijgt van een Triumph Spitfire.
Toch:
de Keverliefde blijft pruttelen. Vriend en hobbygenoot Bart van den Acker (zie
andere foto’s!) weet een interessante VW die heel misschien ooit te koop zal
zijn. Na vijf jaar (on)rustig afwachten word ik uitgenodigd eens te komen
kijken. De auto staat in een halfdonkere stalling en de contactsleutel zal niet
worden omgedraaid, maar ik voel bij de eerste aanblik dat deze het moet zijn.
Bovendien ken ik de wagen van twee succesvolle optredens in ‘Autoweek’ en is
mij z’n levensverhaal al eens verteld.
Drie
maanden van stilte volgen. Daarna mag ik de auto, op voorwaarde van oneindige
liefde, de mijne noemen. Wat technisch onderhoud en enkele tientallen uren
vrolijk poets- en inrichtingswerk maken van 53-66-DJ helemaal mijn droom-VW. Het
exemplaar is op zich ook al best bijzonder. Jaargang 1966-1967 heeft van
vroegere en latere modeljaren afwijkende kenmerken (o.m. schijfremmen; andere
motorkap en wielen; laatste type carrosserie met lage bumpers en schuinstaande
koplampen) en is vrij zeldzaam, vooral met een 1500 cc motor. Die heeft deze
auto, en de eerste eigenaar bestelde er meteen maar een stalen schuifdak en
Amerikaanse bumpers bij. De Amersfoortse winkelier gebruikte de auto vervolgens
dertien jaar lang, waarna deze in de kelder verdween van de Volkswagengarage die
het voertuig ooit had geleverd. Deze actie had een doel: neefje van de dealer
had juist deze VW altijd mooi gevonden en reserveerde hem, voor na het behalen
van z’n rijbewijs. Na verloop van tijd bereed hij (wegens ander moois) de 1500
steeds minder; het vervolg las u hierboven al.
De
conditie is nog steeds ongerestaureerd en origineel, met de kilometerteller op
bijna 100.000.
Rob zou zijn Kever vóór de winkel rijden om hem vervolgens te laten fotograferen, maar daar kwam hij niet meteen aan toe; er stond kennelijk al enige tijd buiten een meneer op de eigenaar van de Kever te wachten, want hij moest en zou even met hem praten. Deze meneer heeft, als eerste eigenaar - destijds voor de aardbeienteelt -, nog steeds een Volkwagen Bus, waar hij nog dagelijks in rijdt en moest dat even kwijt aan een andere échte VW liefhebber!